Afdrukken

[Stadskrant, 4 mei 2005]

De huidige Kaderregeling Inspraak en Participatie moet gesplitst worden in een Kaderregeling Inspraak en een Kaderregeling Participatie. Dat is de eerste bevinding van bewonersorganisaties, maatschappelijke organisaties, raadsleden, ambtenaren, burgemeester Van Rossen en wethouder Meijer na de conferentie van vrijdag 22 april over dit onderwerp.

Er blijkt veel verwarring te bestaan over de definities en procedures van inspraak en participatie. Het is dus een goede zaak als hier eerst helderheid over komt. Participatie is een werkwijze waarbij de gemeente in een zo vroeg mogelijk stadium andere partijen - bijvoorbeeld burgers, maatschappelijke organisaties, bedrijven -betrekt om zo tot de voorbereiding, bepaling, uitvoering of evaluatie van beleid te komen.

Na deze fase komt de fase van inspraak. Hierbij kan niet meer met burgers van gedachten worden gewisseld; dat is al in het voortraject (bij participatie) gebeurd. Bestuurders kunnen aanvullende vragen stellen, maar er wordt niet meer in gezamenlijkheid aan beleid gewerkt. Het cóllege van burgemeester en wethouders weegt alle meningen en bezwaren mee in het principebesluit dat vervolgens voor advies naar de raadscommissie gaat. Inspraak is een wettelijke verplichting, maar aan de inspraakprocedure kan de gemeente op verschillende manieren vorm geven. Behalve als het om wettelijk voorgeschreven procedures betreft, zoals bijvoorbeeld het geval is bij ruimtelijke ordening.

Voordat de gemeenteraad het besluit definitief vaststelt is tenslotte in deze laatste fase van politieke besluitvorming nog inspraak mogelijk via het spreekrecht om nog één keer hun standpunt naar voren brengen.

De conferentie spitste zich vooral toe op participatie.

PLUSPUNTEN EN KNELPUNTEN

De ochtend stond in het teken van evaluatie. Wat is goed en wat is niet goed aan de huidige regeling? In vierwerkgroepen bespraken de deelnemers hun ervaringen. Allen waren het er over eens dat bewoners en organisaties graag gebruik maken van de regeling en dat zij erkenning en respect ervaren. De flexibele uitvoering, de rol van Stichting Overleg Stadsontwikkeling Alkmaar (OSA) en het ontbreken van financiële beperkingen werden eveneens genoemd als pluspunten.

De knelpunten die uit elke werkgroep naar voren kwamen, waren veel diverser van aard, maar konden de instemming van alle deelnemers wegdragen. Zo blijkt de rol van de verschillende participerende partijen niet altijd even duidelijk en vindt men de mate van participatie niet altijd voldoende. Ook bestaat het idee dat het resultaat van een participatietraject door ambtenaren en bestuurders niet altijd positief wordt ontvangen; zij zien participatie soms als hinderpaal in plaats van hulpmiddel.

Ook de informatievoorziening binnen een participatietraject wordt als ontoereikend ervaren.

BOUWSTENEN

's Middags hebben de deelnemers zich in werkgroepen gebogen over de inhoud van een .startnotitie, de vormen van participatie en de houding van verschillende partijen ten aanzien van het participatieproces. Met name over de laatste twee Onderwerpen kwamen interessante ideeën tertafel. Voor de keuze voor participatievorm zou een verschil gemaakt moeten worden tussen beleid en uitvoering, uitgaande van vijf niveaus: informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren of meebeslissen. Op beleidsniveau kunnen -zo luidt het advies informeren, raadplegen of adviseren worden ingezet; voor participatie inzake de uitvoering van het beleid kan men voor coproduceren of zelfs meebeslissen kiezen, behalve als het om ruimtelijke ordeningplannen gaat. Daarvoor is coproductie de hoogst mogelijke vorm: de politiek verbindt zich in principe aan de gezamenlijke oplossingen, maar kan indien goed beargumenteerd afwijken bij de uiteindelijke besluitvorming.

Behalve een goede kaderregeling als basis, is het belangrijk dat alle participanten open en respectvol een participatietraject ingaan. Om te beginnen moet men daarom een duidelijk startmoment kiezen. Daarnaast is communicatie een belangrijk element. Maar voor een echte positieve houding zal de Kaderregeling Participatie zich eerst moeten bewijzen. Als er meerdere trajecten goed zijn doorlopen, zal er automatisch vertrouwen bij alle deelnemers ontstaan.

VERVOLG

Alle bevindingen van de dag worden nu uitgewerkt en verwerkt in een concept-kaderregeling. Deze regeling wordt naar de deelnemers en de overige organisaties in Alkmaar toegezonden. Reacties op het concept worden vervolgens meegenomen in de definitieve regeling, die in oktober door de gemeenteraad goedgekeurd moet worden.