Wijknieuws

[Alkmaarsche Courant; 30 oktober 2004]

Icarus 

van onze verslaggever Mark Minnema

Alkmaar - Zal de Icarus van kunstenaar Jaap Min eindelijk neerstorten? Het lijkt erop, wanneer de mts aan de Jan de Heemstraat over een of twee jaar gesloopt wordt.

Bij de mts (onderdeel van het Horizoncollege) gebruikten ze gisteren een reünie van leerkrachten om het kunstwerk onder de aandacht te brengen. Als aandenken kreeg iedereen een foto van het kunstwerk mee naar huis. Wie een goede plek weet voor Icarus, een schildering op een bakstenen muur, kan zich melden.

Einde
Waarschijnlijk is dit het laatste of een na laatste jaar voor de mts in Alkmaar. De afdeling verhuist naar Heerhugowaard en Hoorn. Dit betekent het einde van vijftig jaar middelbaar technisch onderwijs in de stad, eerst als uts aan de Emmastraat, en vanaf '64 aan de Jan de Heemstraat. Vandaar de reünie: het einde is in zicht, het gebouw maakt plaats voor woningbouw.

Het pand herbergt twee kunstwerken van Jaap Min, een kunstenaar van naam die zijn sporen in veel gebouwen naliet. Vaker werden kunstwerken van zijn hand met destructie bedreigd. Een stichting, opgezet door zijn kinderen en deskundigen, beijvert zich voor het behoud ervan.

In Akersloot werd met succes een werk uit het oude gemeentehuis overgebracht naar het nieuwe. In de Bergense huishoudschool aan de Loudelsweg redde men een aantal koppen uit muurschildering. Zoon Maarten Min maakt zich hard voor het grote glas-in-lood-raam van de Pius X-kerk in Overdie. Desnoods is hij bereid het gebouw te kopen om het topwerk van zijn vader te behouden. En nu dus de mts. Het verbaast Min hoe goed het werk er nog bijstaat. Het verbeeldt de mythische Icarus, die te dicht bij de zon vliegt. De was waarmee hij veren op zijn rug heeft bevestigd smelt en hij stort neer.

Het is een lastig geval om te redden, meent Min, een indrukwekkende compositie, maar moeilijk te verplaatsen. Al is het mogelijk om het in delen te zagen en als een soort van glas-in-lood-raam terug te brengen op een andere plek.

Voor Min staat echter vast dat de stichting het niet zal aankopen. Daarvoor is men niet kapitaalkrachtig genoeg. Hij kan zich echter goed voorstellen dat iemand het in een nieuwbouwproject verwerkt, waar het kan dienen als kunstwerk in de eenprocentsregeling.

Het andere kunstwerk van Jaap Min hangt buiten, bij de ingang van de school. Het betonsculptuur is tot schrik van zoon Maarten blauw en wit geschilderd. Met de beste bedoelingen, maar Min verlangt dat het in oude staat teruggebracht wordt. De school wil het overbrengen naar de vestiging in Heerhugowaard.Icarus, het kunstwerk van Jaap Min dat dreigt te verloren te gaan als de mts wordt gesloopt.

Ook in onze buurt hebben we periodiek steeds meer last van frequent laag overkomende vliegtuigen. Vooral de laatste jaren is de toename onmiskenbaar. Zou het eerst tijdelijk zijn in verband voor de opening van de Polderbaan, na de opening is de geluidsoverlast eerder nog meer toegenomen.

[Alkmaarsche Courant; 30 oktober 2004]

van onze verslaggever

Alkmaar - Het begint zo langzamerhand een vertrouwd beeld te worden aan de hemel: voorbij brommende vliegtuigen. Alkmaar en de gemeenten er omheen hebben steeds vaker te maken met luchtverkeer. De afgelopen tijd leek zelfs een toename waarneembaar, maar dat is toeval meldt Luchtverkeersleiding Nederland.

Belangrijke factor is het weer, en dan vooral de wind in combinatie met de Polderbaan. Waait de wind uit het zuiden, zuidwesten, dan komen de vliegtuigen in groten getale vanuit zee aanvliegen. Ze landen op de Polderbaan, de start- en landingsbaan die in juli vorig jaar volledig werd opengesteld. Bij noordenwind stijgen de vliegtuigen op vanaf de Polderbaan.

De routes van en richting de Polderbaan gaan over Noord-Holland heen. Voordat de Polderbaan werd geopend, concentreerde het vliegverkeer zich vooral in de nabije omgeving van Amsterdam. Zwanenburg is er bekend door geworden. Het huidige beleid is er op gericht de herrie meer te spreiden. Vandaar dat Alkmaar en omstreken sinds de zomer vorig jaar ook zijn portie krijgt.

In vergelijking met de andere banen is de Polderbaan vaak in gebruik. Zo vaak als mogelijk. Pas als het vastgestelde quotum aan decibellen dreigt te worden overschreden gaat de rem er op, zegt woordvoerster M. Wenting van de Luchtverkeersleiding Nederland.

Vanaf de volledige openstelling van de Polderbaan op 1 juli 2003 tot en met 31 september 2004 zijn daar overdag 70.000 vliegtuigen gestart ('s nachts 2600).

Het aantal landingen op de Polderbaan waren er in diezelfde periode overdag 81.000 ('s nachts waren dat er 7700).

Het flinke aantal landingen bevestigt het beeld van vliegtuigen die vanuit zee via de kustdorpen, over Alkmaar naar het zuiden afbuigend koers zetten richting Schiphol.

Overigens is het voor Wenting ondoenlijk om precies aan te geven hoeveel van deze starts en landingen over de regio-Alkmaar zijn gevlogen.

Naast het intensieve gebruik van de Polderbaan, speelt drukte mogelijk een belangrijke rol bij het gevoel dat vliegverkeer in deze regio toeneemt. Wenting vergelijkt het luchtruim boven Nederland met een soort trechter waarboven vijf doorgaande vliegroutes samenkomen. Een dalend vliegtuig moet zich draaiend in die trechter bewegen om te kunnen landen.

Is het druk dan worden de vliegtuigen 'opgelijnd', waarbij ze achter elkaar moeten vliegen. Hoe verder achter aan het lijntje, hoe verder van Schiphol.

Wenting: ,,En dan zouden ze dus in de buurt van Alkmaar kunnen komen.''

ReK

[Alkmaars Nieuwsblad, 25 november 2004]


De Zoete Inval. Foto Berend Ulrich


van onze verslaggever

Alkmaar-Wat maakt een gevelsteen mooi? Het verhaal erachter, zegt Kees Komen. Het is de nieuwsgierigheid naar al die verhalen die heeft geleid tot het boek 'Alkmaarse gevelstenen en ornamenten'. Berend Ulrich fotografeerde ze, Komen tekende hun geschiedenis op. Gisteren werd het boek ten doop gehouden in het Stedelijk Museum.

Wat het je vooral leert: dat je voortaan nog eens extra goed omhoog moet kijken als je door de stad loopt. Kees Komen stelt het zelf vast in zijn ten geleide: de meeste mensen denken dat Alkmaar misschien vijf of tien gevelstenen telt. Maar het zijn er vele tientallen, mogelijk kom je op enkele honderden, wanneer alle waarnemingen van Komen en Ulrich worden opgeteld.

Voor de schrijver is de gevelsteen een fenomeen dat hem als jongen al fascineerde. Vrouwe Justitiae op het raadhuis van Oudorp intrigeerde hem, en zo waren er veel meer. ,,Daar moet het ergens begonnen zijn'', zegt Komen.

Zo'n vijf jaar geleden begon hij met het boek waarin hij de gevelsteen aanduidt als 'uithangteken'. Hier ter stede duikt hij op in de zestiende eeuw, als houten huizen vervangen worden door baksteen en uithangborden door de gevelstenen. In het oostelijk stadsdeel zijn daar nog vele voorbeelden van. De stenen markeerden het huis. Daarbij boden ambachten en de bijbel veel inspiratie, maar ook fabels, dieren en heraldiek.

Komen en Ulrich tonen de enorme variëteit aan gevelstenen die Alkmaar te bieden heeft. Favorieten van de schrijver die tevens tot de bekendste behoren: het Melkmeisje aan de Oudegracht, dat nationale bekendheid kreeg toen het in 1975 'kinderpostzegel' werd. De steen blijkt een zwerftocht door de stad gemaakt te hebben, via de Kooltuin en de Breedstraat.

De Zoete Inval aan het Verdronkenoord verwijst naar een bakkerszaak of in elk geval een winkel waar 'zoet goed' werd verkocht: een gulzige jongen valt in de strooppot. In de zeventiende eeuw, waaruit de steen dateert, was de Zoete Inval een vrij algemeen voorkomend bord. En weinig subtiel klinkt 't Landwijff, in de Kapelsteeg te vinden.

De makers van het boek hebben ook oog voor curieuze ornamenten, zoals de ossenkop op de gevel van Verdronkenoord 110, 112 (Platte Stenenbrug) en voor moderne stenen. Want nog steeds zijn er mensen die hun huis ermee opsieren.

Een typisch Alkmaarse 'stijl' heeft Komen niet kunnen vinden. ,,De thema's zie je terug in andere steden. Dat had ik graag laten zien, maar het boek mocht niet dikker worden dan 128 pagina's.''

'Alkmaarse gevelstenen en ornamenten' is te krijgen bij de boekhandels Zwaan en Ter Burg, Van der Meulen en Het Keerpunt en bij de VVV en het Stedelijk Museum. Het boek is uitgegeven bij Peter Sasburg, ISBN 90-802546-2-2.

ReK

[Alkmaarsche Courant; 3 december 2004]

VAN ONZE VERSLAGGEVER

ALKMAAR -Winkelcentrum De Hoef in de gelijknamige Alkmaarse wijk is verouderd en moet nodig opgeknapt worden. Dat vindt de fractie van de PvdA in de gemeenteraad van Alkmaar.

Het maken van plannen voor De Hoef gaat veel te langzaam, sterker: er is nog geen plan. Weliswaar zijn de afgelopen jaren diverse gesprekken gevoerd tussen gemeente en eigenaren van de gebouwen en gronden in het winkelcentrum, maar dat heeft tot op heden niet geleid tot concreet resultaat.

Intussen, aldus de PvdA in vragen aan het college van b en w, gaat de verpaupering door. De Hoef heeft meer winkels, woonruimte en parkeerplekken nodig. 
Overlast Daarnaast is de bestrating, aldus de PvdA, te hobbelig, de overkapping in slechte staat, bestaat er overlast van brommers en fietsers en staan brede uitstallingen hinderlijk in de weg.

Verder pleit de PvdA voor de vestiging van een wijkinformatiepunt dan wel wijkcentrum.
De PvdA vraagt het college om actie te ondernemen